NATIONALE INTERCLUB, R 10, 29 maart
Afd. 4D: Caissa Europe 3 (Bergen) - Izegem 1 1,5-2,5
Blagojevic (1904) – Daan 0-1
Laurent Charlier (1899) – Maarten 0-1
Daniel De Nooze (1850) – Gilles 1-0
Tri Khoi Nguyen (1644) – Hassan 0,5-0,5
Op zondag trokken we naar Bergen. Daar kwamen we aan in een klein lager schooltje, in een ruimte omringd door vissen en enkele opgezette dieren. Gilles wilde duidelijk het gebouw wat beter verkennen en speelde daardoor erg snel. Helaas leverde dat niets op: hij verloor al vroeg een stuk en daarmee ook de partij.
Ikzelf kreeg eveneens een tegenstander die snel speelde. Toch kwam ik goed uit de opening en nadat ik de stelling volledig openbrak, kon ik de zwakke koningspositie van mijn tegenstander uitbuiten. Dat leidde tot een mooi dameoffer waarmee ik een toren won, en zo werd het 1-1.
Maarten belandde in een bijzonder wilde partij. Hij besloot al vroeg zijn h-pion naar voren te schuiven en rokeerde bovendien aan de tegenovergestelde kant van zijn tegenstander. Dat zorgde ervoor dat het een race werd: wie het eerst mat kon zetten, zou winnen. Maarten was de snelste, won de dame voor een toren en besliste enkele zetten later de partij.
Hassan speelde een solide partij en kwam in een eindspel terecht met een klein voordeel. Zijn tegenstander beschikte echter over een sterk paard in het centrum, dat moeilijk te verjagen was. Daarom besloot Hassan zijn pas geleerde vocabulaire van vrijdagavond bij Johan toe te passen en stelde hij remise voor in zijn enige woord Frans: ‘nul'. Het werd dus een mooie 1,5-2,5 overwinning. (Daan)
Afd. 4G: Chesspirant 4 (Lokeren-Merelbeke) - Izegem 2 2,5-1,5
Maarin Meert (1925) – Stefaan 0,5-0,5
Timur Klimenko (1913) – JohanD 0,5-0,5
Steven Labieze (1732) – Thibeau 0,5-0,5
Jasper Orban (1706 – Ignaas 1-0
De laatste verplaatsing van het seizoen bracht ons in Merelbeke. Chesspirant had al zwakker gestaan. Bij Izegem waren er 2 vervangingen, Johan en Ignaas.
Ignaas kwam al vlug in de problemen. Ik zag de koning centraal staan en telde 1 pion meer bij de tegenstander. Toen ik later nog een glimp van de partij wou zien, stonden de stukken alweer in de beginpositie. Navraag bevestigde mijn vermoeden van de nederlaag. Ikzelf zag mij na wat ruilen geconfronteerd met het feit dat mijn tegenstander het loperpaar had in open positie, ikzelf had loper en paard. Ik kon de remise dan ook niet weigeren. Ook Johan accepteerde hierop de remise. Johan was goed uit de opening gekomen en had een pion kunnen winnen. Hij durfde echter niet nemen, omdat hij vreesde de open c- lijn kwijt te spelen. Na korte analyse was de vrees onterecht. De extra centrumpion was winnend geweest. Thibeau werd op zeker moment weggespeeld. Er gingen 2 stukken verloren. Alles wees erop dat we vroeg thuis gingen zijn. Maar dan begon de tegenstander te knoeien. In plaats van nog een derde stuk te nemen, gaf hij er een weg. In een eindspel met een loper meer begon hij ook nog te panikeren toen Thibeau met de koning oprukte. Hij offerde toen nog de loper om de dreiging van Thibeau te neutraliseren. Intussen stonden beiden wel met 2 pionnen en een toren op het bord. De partij eindigde uiteindelijk in een gelijk spel. En zo eindigde de match in een kleine nederlaag voor Izegem. (Stefaan)
Afd. 5P: Knokke - Izegem 3 3-1
Johan Dezutter (1847) – Wouter 1-0
Luc Vandamme (1817) – Kyenzo 1-0 ff
Yannick Keukelinck (1396) – Emmanuel 1-0
Marc Verkinderen (1574) – Lander 0-1
We kwamen een heel klein beetje te laat, want 2 leden waren dit vergeten en na wat rondbellen (dank je Johan) zijn we uiteindelijk nog met drie kunnen gaan.
Kyenzo forfait, dus 1-0.
Ikzelf blunderde mijn paard op zet 11. Mijn partij was scherp begonnen door de tegenstrever, maar toen nam hij gas terug en de rest van de namiddag heb ik zitten verdedigen, maar het mocht niet baten. Ik heb doorgespeeld en toen ik hoorde dat Lander gewonnen was, ben ik direct gestopt om naar huis te kunnen gaan. 2-0.
Ook Emmanuel heeft wat geërfd van zijn vader zo te zien, en ook hij gaf een paard onnodig weg rond zet 16 en ook al stond hij actiever dan de tegenstrever, toch moest ook hij uiteindelijk de duimen leggen. 3-0.
Lander speelde wel een superpartij. Ze begonnen heel gebalanceerd, waarbij de tegenstrever iets agressiever te werk ging. Een beetje overmoed denk ik want Lander had zijn stukken goed verdedigd en toen de tegenstrever (meer dan 100 elo punten hoger) een offer maakte, bleef Lander heel kalm en kwam stilletjes aan via de koninginnenzijde opzetten, ook al stond de tegenstrever heel gevaarlijk aan de koningszijde in een zeer verweven positie met een paar pionnen, een loper en een toren tegenover de koning van Lander sterk te dreigen. Het samenspel van Landers koning en paard deed de aanvalspogingen teniet en Lander kuiste dit vakkundig op. Hij heeft de voorsprong niet meer uit handen gegeven.
Toen het stof weer ging liggen, had Lander 2 geconnecteerde pionnen centraal over en aan de boord van het bord stond nog een witte tegenover een zwarte pion. Ze hadden nog elk een toren en Lander een paard tegenover een loper op zwart voor de tegenstrever.
Dan manoeuvreerde Lander de vijandige koning zodanig zodat dat ze elkaars toren konden uitwisselen. Nu was Lander niet meer te stoppen. De vijandige loper kwam gevaarlijk achter de pionnen, maar Lander had dit voorzien en kon zijn pionnen gemakkelijk verdedigen. Dan moest hij maar zijn koning naar voor schuiven en de Knokkenaar moest de handdoek in de ring werpen. 3-1. Oef. Toch een eerredder. (Wouter)